Allemaal Politiek

In Almere vind je verschillende gebieden die in mandeligheid zijn uitgegeven.

Mandeligheid ontstaat, wanneer een onroerende zaak gemeenschappelijk eigendom is van de
eigenaars van twee of meer erven en door hen tot gemeenschappelijk nut van die erven wordt
bestemd bij een tussen hun opgemaakte notariële akte, gevolgd door inschrijving daarvan in de
openbare registers. (bron: Burgerlijk Wetboek Boek 5, Titel 5, Artikel 60)

Dit lijkt niet direct een vraagstuk voor een welzijnsorganisatie. Uit meerdere gesprekken met
verschillende bewoners en bewonersgroepen bleek echter dat men op sociale problemen stuitte.

Ik ben heel benieuwd of de (sociale) problematiek rond mandeligheid zich ook voordoet in andere gemeentes en hoe hier mee omgegaan wordt. 

Mandeligheid blijft een uitdaging in Almere! Onderstaand artikel heb ik in mei/juni 2009 geschreven naar aanleiding van de problemen/vragen rond mandeligheid in Almere.

Inmiddels is een onderzoek door UvA studenten afgerond, is er een raadsbrief gekomen en gaat binnenkort een grondig onderzoek naar mandeligheid in Almere van start. Zo'n 5.000 huishoudens in Almere die hier mee te maken hebben zullen worden aangeschreven en ondervraagd.

De Erasmus Universiteit en de Nederlandse Hogeschool voor Openbaar Bestuur doen landelijk wetenschappelijk onderzoek naar de sociale gevolgen van privaat beheerde woondomeinen.

Ook de bewoners hebben niet stil gezeten: op 2 juni 2010 is de Stichting Platform Mandeligheid officieel opgericht en is de website www.mandeligheid.nl gelanceerd. Er is tevens een Linked In groep: Platform Mandeligheid waar je je vragen kunt stellen en kennis kunt delen.
En er zijn al 3 jaarlijkse bijeenkomsten geweest over mandeligheid. Bewoners en andere belanghebbenden zijn hierbij altijd van harte welkom!

Kortom: Bewoners bundel uw kennis en krachten! Alleen via deze weg kan een manier gevonden worden om handen en voeten te geven aan mandeligheid.

Mocht je nog vragen hebben dan kun je contact opnemen via: vandenhoek@deschoor.nl of 06-52420103

Met vriendelijke groet,
Patricia van den Hoek-Werkman
--------
Mandeligheid in Almere
Tijdens de wijkspreekuren van Gemeente Almere, GoedeStede, Politie, Belastingdienst en De
Schoor in Stripheldenbuurt kwamen verschillenden vragen van buurtbewoners naar voren over het
inrichten van het binnenterrein. Het bleek echter dat deze terreinen mandelig waren. Hierdoor
konden er niet volgens de bekende Mooi Zo Goed Zo methode speeltoestellen geplaatst worden.
Bovendien mochten bewoners geen gebruik maken van financieringsmogelijkheden zoals het
wijkbewonersbudget (Gemeente Almere), Goed Wonen Fonds (GoedeStede) of het Oranje Fonds.
Omdat het om privé domein gaat.

Mandeligheid ontstaat, wanneer een onroerende zaak gemeenschappelijk eigendom is van de
eigenaars van twee of meer erven en door hen tot gemeenschappelijk nut van die erven wordt
bestemd bij een tussen hun opgemaakte notariële akte, gevolgd door inschrijving daarvan in de
openbare registers. (bron: Burgerlijk Wetboek Boek 5, Titel 5, Artikel 60)

Dit lijkt niet direct een vraagstuk voor een welzijnsorganisatie. Uit meerdere gesprekken met
verschillende bewoners en bewonersgroepen bleek echter dat men op sociale problemen stuitte.

Ook uit verschillende artikelen en onderzoeken blijkt dat er nogal wat haken en ogen aan deze
beheervorm van privédomeinen zitten. In een tweetal artikelen attenderen onderzoekers ons ook
op het gevaar van het ontstaan van Gated Communities zoals deze bekend zijn in de VS en Zuid-
Amerika. Gated Communities leiden vaak tot sterke polarisatie en sociale uitsluiting.

In het artikel Afgeschermde woondomeinen: dé oplossing voor het beheersprobleem? van S. van
der Most (maart 2008) (bijlage 2) geeft stadssocioloog en lid van de VROMraad, Arnold Reijndorp,
aan dat ‘Beslotenheid door begrenzing’ in plaats van ‘beveiliging door afsluiting’; de voornaamste
beweegreden is voor het wonen in privé beheerde woondomeinen. Naast status zijn in Nederland
namelijk vooral de behoefte aan geborgenheid en overzichtelijkheid en het wonen met
gelijkgestemden motieven om te kiezen voor afscherming.
In de Almeerse woonwijken Eilandenbuurt, Stripheldenbuurt, Sieradenbuurt, Regenboogbuurt,
Tussen de Vaarten en Noorderplassen en het nieuwe stadsdeel Almere Poort bleek echter dat de
bewoners niet altijd bewust gekozen hebben voor een privé domein in de vorm van een mandelig
gebied. Hierdoor is de basis om gezamenlijk een privé terrein te gaan beheren al erg wiebelig om
niet te zeggen afwezig.

Harry den Hartog geeft in mei 2005 in het artikel collectieve woondomeinen in suburbia (Bijlage 3)
aan dat er al langere tijd wordt geëxperimenteerd met mandelige gebieden in Nederland, maar dat
de motieven van de verschillende partijen zeer verschillen. Ontwikkelaars kiezen vaak voor privaat
beheer om, zonder de beklemmende regelgeving van de gemeenten, een hogere plankwaliteit te
kunnen behalen. En gemeenten kiezen juist vaak voor privaat beheer vanwege een aantrekkelijke
kostenbesparing. Daarbij blijken de uiteindelijke gebruikers vaak met lasten te worden opgezadeld
zonder de bijbehorende lusten.

Het grootste probleem lijkt dat in de randvoorwaardelijke sfeer van deze mandelige gebieden in
Almere een aantal dingen niet geregeld zijn.
Harry den Hartog geeft in zijn artikel ook aan dat veel bewoners vaak later, na afloop, realiseren
dat er sprake is van een gedeelde buitenruimte met bijbehorende verplichtingen.
In de Verenigde Staten, waar collectieve woondomeinen al veel verder zijn ontwikkeld in talrijke
variaties, hebben ontwikkelaars meestal blijvende invloed in het beheer als garantie voor permanente kwaliteit. In tegenstelling tot de Amerikaanse Common Interest Developments (CID’s) trekken projectontwikkelaars zich in de Nederlandse variant snel terug na verkoop van de laatste
woning, daarmee de verantwoordelijkheid afschuivend op onervaren bewoners.

Voor nieuwe projecten geldt, volgens Den Hartog, dat toekomstige bewoners in een zo vroeg
mogelijk stadium in de ontwikkeling moeten worden geïntroduceerd. Betrokkenheid bij de fysieke
omgeving zal dan ook toenemen. Goede voorlichting over juridische zaken, rechten en plichten is
essentieel om een kwaliteitsslag te kunnen maken. Het succes van een collectief woondomein is
niet alleen het gevolg van eventuele ruimtelijke kwaliteiten maar vooral ook van betrokkenheid
onder bewoners. Dan pas wordt het collectieve woondomein een zinnige aanvulling op de
vooralsnog beperkte keuzemogelijkheid aan suburbane woonmilieus in Nederland.

Stijnie Lohof geeft in haar essay Meebetalen, meebepalen en meedoen (Bijlage 4) aan dat met
een verschuiving naar een geprivatiseerde buitenruimte de gemeente in haar afwegingen opnieuw
een balans moet zien te vinden. Daarbij dient zij niet alleen het publieke belang te waarborgen,
middels het vooraf vastleggen van openbare toegankelijkheid en allerlei technische en financiële
voorwaarden, maar ook de belangen van haar individuele burgers af te wegen.
Wat is het aantoonbare belang van de betrokken burgers om delen van de buitenruimte in eigen
beheer te hebben en hoe verhoudt hun positie zich tot die van medeburgers. De gemeente moet
niet alleen fysieke kwaliteiten bewaken, maar ook sociale aspecten in ogenschouw nemen en niet
alleen uit eigen belang en uit gewoonte controle willen uitoefenen, maar ook bereid te zijn om aan
burgers verantwoordelijkheden over te dragen. Of anders gewoonweg de gemeenschappelijke
buitenruimte in openbaar eigendom houden.

Probleemstelling
De probleemstelling die ik heb geformuleerd aan de hand van bovenstaande aanleiding is:
Hoe breng je de sociale problematiek achter mandeligheid in Almere in beeld en zorg je voor een
maatschappelijk draagvlak dat mee wil werken aan een (structurele) oplossing?

Krachtenveldanalyse
Wanneer je na wilt gaan hoe jouw organisatie gepositioneerd is ten opzichte van andere partijen, is
het van belang te weten hoe die partijen zich tot jou verhouden. Het kennen van de medespelers is
een belangrijke voorwaarde.

. Bondgenoten zijn natuurlijke partners: jij vertrouwt ze en je bent het in hoge mate met elkaar
eens.
. Coalitiepartners zijn diegenen, waarmee je uit verstandelijke overwegingen een samenwerking
kunt aangaan, maar waarbij je voorzichtig blijft.
. Opponenten zijn gewaardeerde tegenspelers, die weliswaar een andere visie aanhangen,
maar die je kunt gebruiken als sparring partner om uw eigen argumenten en visie scherper te
krijgen en te toetsen. Je kunt ervan uitgaan dat je van hen positieve feedback krijgt die je
verder zal helpen.
. Tegenstanders zijn partijen waarmee u zowel op rationeel niveau als sociaal emotioneel
verschilt. Als zij wel veel macht hebben in de keten, kunnen zij een belangrijke hindermacht
vormen die je belemmert jouw ambities waar te maken.
Uiteraard zijn er altijd partijen die er tussenin zitten: voor jou sympathieke twijfelaars of weinig
betrouwbare opportunisten. In het kader van de machtsbalans kan het belangrijk zijn hen te
overtuigen van de overeenstemming tussen jouw en hun belang om hen zo aan jouw kant te
krijgen. (Bron: Twijnsta Gudde 1996)

Het krachtenveld voor mijn probleemstelling ziet er als volgt uit:

Bondgenoten
1) Elise Brinkman & Remco Slijkhuis (bewoners die het probleem hebben aangekaart)
2) Fiduciebeheer
3) Marco de Kat – Leefbaar Almere
4) Collega Opbouwwerkers De Schoor
5) Wijkagent

Coalitiepartners
1) Bewoners(groepen) die te maken hebben met mandeligheid
2) GoedeStede
3) Leefbaar Almere
4) Belastingdienst
5) Atelier Stedelijke Vernieuwing
6) Gemeente Almere – DMO
7) Pers Almere

Opponenten
1) Notaris
2) Politieke Partijen Almere
3) Gemeente Almere – Afdeling Grondzaken
4) Gemeente Almere – DSO
5) Gemeente Almere – PBS

Tegenstanders
1) Projectontwikkelaars

Stimulerende factoren
Een van de stimulerende factoren voor dit vraagstuk rond mandeligheid is de verscheidenheid aan
partijen. Het is ook positief dat 1 van de politieke partijen dit onderwerp heeft “geadopteerd” en
zich hard wil maken voor dit vraagstuk.

Een tweede stimulerende factor is dat het een groter gebied bestrijkt en ook in de toekomst invloed
zal hebben op het wonen in Almere. Kortom vele honderden gezinnen hebben te maken met
mandeligheid, dus een grotere doelgroep

Belemmerende factoren
Wat een belemmerende factor is is dat er weinig kennis is over mandeligheid en de sociale
gevolgen daarvan. Er zijn nog weinig tot geen studies die de gevolgen van mandelige gebieden op
het sociale leven hebben onderzocht. Het is dus moeilijk aantoonbaar wat de sociale gevolgen
kunnen zijn voor de Almeerse samenleving als er niet beter wordt omgegaan met de uitgifte en het
beheer van de mandelige gebieden

Scenario’s
Er zijn een tweetal scenario’s mogelijk.

Als eerste: Het signaal over de sociale problemen rond mandeligheid wordt niet opgepakt. Dat
betekent dat er verpauperde wijken gaan ontstaan, huizen slecht verkoopbaar worden en de buurt
af zal glijden. De buurtbewoners die wel hun verantwoording op willen pakken zullen stelling
nemen tegen degene die het niet willen en de sfeer in de wijk zal hierdoor grimmiger worden.

Als tweede het signaal rond mandeligheid wordt wel opgepakt en vindt draagvlak. Hierdoor zal met
name de voorlichting rond mandeligheid verbeteren, waardoor toekomstige bewoners bewuster
zullen kiezen voor mandeligheid. Echter de mensen die al een aantal jaren in mandelig gebied
wonen zullen wel een extra steuntje in de rug nodig hebben om de reeds ontstane sociale
problemen op te lossen.

Activiteitenplan
Allereerst zal er onderzoek moeten worden gedaan naar de plus-en minpunten van de huidige
vorm van mandeligheid en zullen de sociale problemen in kaart moeten worden gebracht. Om dit
te bereiken zullen de bewonersgroepen bij elkaar moeten worden gebracht. Vervolgens zullen
deze knelpunten naar de gemeente en naar de politiek moeten worden gecommuniceerd.

Inmiddels heb ik 2 bewoners bereid gevonden om de voorbereidingen voor deze bijeenkomsten te
trekken. Er zijn inmiddels 2 bewonersbijeenkomsten geweest waarbij zo’n 30 bewonersgroepen (in
totaal meer dan 70 bewoners) aanwezig waren en waarbij ook de partijen die te maken hebben
met mandeligheid waren uitgenodigd. Zowel de “probleemveroorzakers”, als de
“probleemoplossers” als de “probleemervaarders” waren aanwezig.
Het probleem is ook bij de politieke markt geweest en er wordt een onderzoek gedaan naar de
gevolgen van mandeligheid. PBS, DSO en de Politieke partijen zijn opdrachtgevers voor het
onderzoek.
Als hefbomen heb ik de bewonersgroepen, de samenwerkingspartners in het wijkspreekuur en de
pers gebruikt. Zij hebben hun netwerken ook ingezet om voet aan de grond te krijgen.

Om toekomstige problemen met mandelige terreinen te voorkomen zal er ook aan de voorkant van
het probleem iets moeten veranderen. De afdelingen grondzaken, economische zaken en dienst
stedelijke ontwikkeling moeten bij het uitgeven van de grond zorgen dat er goede controleerbare
afspraken worden gemaakt met projectontwikkelaars waardoor ook in de randvoorwaardelijke
sfeer de dingen beter geregeld zijn en bewoners hier niet de dupe van worden.

Ook de makelaars en notarissen spelen een rol. Zij zouden een volledigere voorlichting moeten
geven aan bewoners bij de aankoop of verkoop van hun huis. Bovendien zouden zij beter moeten
informeren of er een beheervereniging is en of er nog bijdragen in het onderhoud open staan,
waardoor de vereniging niet achter blijft met een eventueel gat in de begroting.

Er is ook behoefte aan een stedelijk, provinciaal of landelijke platform/ forum waarbij de kennis
over mandeligheid kan worden gedeeld. Op dit moment vechten vele bewonersgroepen hun strijd
in hun eigen straat, stadsdeel of woonplaats, maar wanneer deze krachten en kennis gebundeld
zou worden ontstaan er nieuwe inzichten en mogelijkheden.

Bronnenlijst
Literatuur
. Berger, Mr. K.F.M. & Smalbraak, J.Th. (2004): Burenrecht, mandeligheid en
erfdienstbaarheden, Kluwer
. Boelens, L., Spit, T., Wissink, B., Kreukels, T. & Kreukels, A.M.J. (2006): Planning zonder overheid, een toekomst voor planning, 010 Publishers
. Gräler, Mr. J.G. (2007): Mandeligheid, Kluwer
. Provincie Noord Brabant (2007): Handboek CPO voor gemeenten – Bouwen met burgers, Drukkerij De Bink bv, Den Haag
. Wibbens – de Jong, Mr. A.C. (2006): Monografiën BW -Mandeligheid en erfdienstbaarheden, Kluwer

Onderzoeken & rapporten
. Aarts, N. During, R & van der Jagt, P (februari 2006),Te Koop en andere ideeën over de inrichting van Nederland, Wageningen Universiteit en Researchcentrum
. Fokkema, Mr. M., Koppenjan, Dr. J.F.M., Kremers, Mr. Ing. G.J. (25 januari 2002): Juridische knelpunten voor intensief ruimtegebruik bij Bedrijventerreinen -Onderzoek Intensief Ruimtegebruik -Marktwerking, Deregulering en Wetgevingskwaliteit II, TU Delft
. Galjaard, J (februari 2007): Dorps bouwen en wonen – een alternatief voor de suburb, SVP
. Gemeentelijke Ombudsman (20 oktober 2008): Geen reactie op aanvragen voor een tweede oprit, RA0830634
. Sanders, Mr. J.R. (2003): Herstructurering van achterstandswijken -Leidt (juridische) regelgeving tot de noodzakelijke betrokkenheid bij het beheer?, Masterproof SBV-MRE

Artikelen
. Onbekend (mei 2005): collectieve woondomeinen in suburbia, S&RO
. Van der Most, S. (maart 2008): Afgeschermde woondomeinen: dé oplossing voor het beheersprobleem?

Tags: beheer, betrokkenheid, bewoners, bewonersparticipatie, cohesie, fysiek, mandeligheid, sociale, vrijwillig

Weergaven: 83

Hierop reageren

Berichten in deze discussie

Mits, de lokale overheid, burgers en ondernemers niet opzadelt met (nog meer) kosten en wel - zo nodig - bevoegdheden biedt om een openbaar gebied goed te kunnen beheren en de burgers en ondernemers daarvoor - zo nodig - bestuurlijke faciliteiten aanreikt, valt dit model te overwegen.
Als bestuurslid van een wijkraad heb ik nog nooit iets over mandeligheid vernomen. Misschien komt het bij ons niet voor of juist wel. Ik ben dus nieuwsgierig naar wat er in Almere gaat gebeuren en wat er uit komt. Maar ook naar wat het probleem bij mandeligheid is. Gemeenschappelijk onderhoud? Buiten gevallen van burenruzie en apathie jegens elkaar zie ik toch niet zulke zware problemen. Of zie ik het verkeerd?
Hallo Harold,

Dat is nu juist het probleem: bewoners worden (ook financieel) verantwoordelijk voor "openbare" ruimte. Vaak weten zij niet wat mandeligheid inhoud en worden niet of niet voldoende ingelicht over de gevolgen hiervan.

Er is ook nog geen loket bij de gemeente voor mandeligheid, dus is het erg zoeken naar wegen binnen de gemeente voor informatie.

Daarom is er in ieder geval een platform mandeligheid opgericht, zodat mandeligheid ook een "gezicht" krijgt. Er komen vragen vanuit het hele land binnen, dus het is niet alleen een Almeers probleem.

Groetjes,
Patricia
Hallo Henk,

Wanneer de randvoorwaarden (goede communicatie vooraf bij makelaar en notaris, informatieloket bij gemeente etc) vooraf goed geregeld zijn hoeft het (theoretisch) geen probleem te zijn....al ken ik ook een aantal projecten waar mensen vanuit collectief opdrachtgeverschap ingestapt zijn en waar mandeligheid ook niet uit de verf komt.

Vooral hele praktische zaken als een lening of hypotheek aanvragen voor een mandelig buurthuis, een verzekering afsluiten voor een mandelig gebied, de oplevering van een mandelig gebied of de financiering van een speelplek op mandelig gebied zijn soms erg moeizaam om te realiseren.

Heel vaak weten bewoners niet welke verplichtingen er vastzitten aan mandeligheid en zien zij dit alleen als een woord in hun koopcontract....misschien nog even nakijken :-)

Laat maar weten als je nog meer wilt weten!

Groetjes,
Patricia
Geplaatst door Peter Swolfs op 30 november 2009 om 11.30 uur op de Blog van Allemaal Politiek:
Mandeligheid (BW art. 5:60) een juridisch gedrocht met zeer scherpe tanden.

Wat het doel van de wetgever is geweest m.b.t. verruiming wetgeving mandeligheid (1992, door toevoeging van ‘contractuele mandeligheid’): is met name geweest: “het bevorderen van de sociale cohesie (bewoners worden en zijn zelf meer verantwoordelijk voor hun eigen woon cq leef omgeving) zodat ook – dit is tusen de regels door gezegd - ‘onaangepast’ gedrag van een van hen door de groep en/of individuele leden gecorrigeerd kan worden’. Zelf vind ik dat sociale cohesie vanuit het hart (en ziel) moet worden bedreven en niet vanuit verkrampte wetgeving. Enerzijds kom je dan als wetgever weer over als regent, de betere kaste, anderzijds is ‘emotie’, omgang met mensen, aanspreken van mensen op hun gedrag, niet te vervangen of te sturen door wetgeving. Je schiet als wetgever in deze dan ook altijd te kort en dergelijke wetgeving draagt zijn steentje alleen ertoe bij dat het vertrouwen in de politiek in casu de wetgever door de gemiddelde Nederlander alleen nog meer afneemt. De vraag is dan gerechtvaard: “Willen we dat wel?”.

Uit eigen ervaring en uit diverse onderzoeksrapporten zoals o.a. “Kritiek op rechtsvorm mandeligheid” door Leefbaar Utrecht, onderzoek VUA op mandeligheid in Almere, heb ik onderstaande mening geformuleerd met als doel dat het een soort lesbrief vormt voor notarissen, makelaars maar vooral aannemers/projectontwikkelaars en voor de wetgever de uitslag is van een testcase m.b.t. deze wetgeving en bijbehorende regelgeving om de betreffende wet te kunnen gaan bijsturen. Als we toe willen naar een ‘Self Learning Society’ verwacht ik dat wetgever en uitvoerenden van deze wet hier in positieve zin wat mee doen.

Beeld van mandeligheid vervat in voor en nadelen: is mede gebaseerd op eigen ervaring en vormt dan ook deels mijn eigen mening:

Voordeel van de mandeligheid voor de gemeente:
- GEEN onderhoudskosten, wel kunnen er door de gemeente aanwijzigingen m.b.t. inrichting dwingend worden voorgeschreven (bestemmingsplan, bouwvergunning, veiligheidsnormen t.a.v. speeltoestellen, brandweer-voorschriften, voorschriften welke de bescherming van het formele recht op nut en genot moeten bevorderen – volgens BW -);
- GEEN verlies van inkomsten, het volle pond aan OZB kan toch worden opgelegd, zonder enige korting te behoeven af te geven;
- Zelf regulerend (gebaseerd op werking van voldoende sociale cohesie) waardoor ‘sociale’ inspanning van de zijde van de gemeente achterwege kan blijven;
- Bevorderen van, politieke slogan, meer sociale cohesie en verantwoordelijkheidszin bij de eigenaar/bewoners;
- Uitstraling naar derden, vorm van PR cq etalage, zo van zie “hoe wij leuke dingen doen voor onze (toekomstige) inwoners”;

Nadeel van de mandeligheid voor de gemeente:
- GEEN enkele kunnen ontdekken, mogelijk door ‘tunnel-visie’ van de onderzoekers;

Voordeel van de mandeligheid voor de projectontwikkelaar:
- Creëren van een aantrekkelijke woonomgeving voor toekomstige bewoners zodat de woningen sneller en, voor hem, tegen aantrekelelijke prijzen (lees: hogere winstmarge) kunnen worden verkocht;
- De kostprijs voor mandelige zaken kan worden omgeslagen naar de woningen terwijl er GEEN kwalitatieve eisen aan de mandelige zaken vanuit koper geredeneerd nog gesteld kan worden, formele wetgeving in deze ontbreekt. Alleen de gemeente kan een kwalitatieve normering opleggen, maar baseert deze op de aangeven functie van het goed welke anders kan zijn dan door de projectontwikkelaar aan de kopers is aangegeven – toetsing?!;
- In juridiche zin nagenoeg geen enkele verantwoordelijkheid in de wijze waarop de mandelige zaken tot stand zijn gekomen en hun effect hebben in de praktijk;
- Indien dit in de Akte van Mandeligheid niet nauw is omschreven, waarvan de ‘inhoud’ bij aanvang van het project door de projectontwikkelaar bij de notaris is gedicteerd behoeven opleveringsmoment en aan wie niet te worden aangegeven. In de wetgeving ontbreekt het dwingend moment in deze waardoor ook hier er geen enkele verantwoordelijkheid is van de projectontwikkelaar in deze. Terwijl dit bijvoorbeeld voor andere rechtspersonen, zoals een VVE, wel expliciet is geregeld.

Nadeel van de mandeligheid voor de projectontwikkelaar:
- GEEN enkele kunnen ontdekken, mogelijk door ‘tunnel-visie’ van de onderzoekers;

Voordeel van de mandeligheid voor de eigenaar/bewoners:
- Regie over de eigen directe leefomgeving;
- Welzijn wordt gestimuleerd door bevordering van de sociale cohesie;
- ‘Het heeft wel wat’ (ijdelheid / adelheid) zo’n prive ‘enclave’ binnen een grotere openbare omgeving;

Nadeel van de mandeligheid voor de eigenaar/bewoners:
- Indien de deelgenoten niets ondernemen dan kan, op basis van het aansprakelijkheidsprincipe en kettingbeding, het financieele risico enorm zijn;
- Om financieele risico’s te vermijden (op aangeven van diverse verzekeringsmaatschappijen en juristen) moeten de eigenaar/bewoners (zijnde actieve deelgenoten) allerlei activiteiten ontplooien en handelingen uitvoeren om deze risico’s enigzins te beperken cq binnen de perken te houden;
Voorbeelden zijn: Duidelijk aangeven/signaleren de overgang tussen gemeenschappelijk (mandelig) terrein en openbaar (publiek) terrein (informatiebord priveterrein, belijning op het wegdek);
Beperkingen, welke door de projectontwikkelaar bewust aan het gebruik van gemeenschappelijke goeden (mandeligheid) zijn opgelegd, dienen aan derden, welke komen vanuit een openbaar goed, d.m.v. signalering en ge/verboden, duidelijk en zonder enige voorwaarden, te worden aangegeven (bijvoorbeeld het plaatsen van een verbodsbord max. gebruik 3,5 ton, terrein niet toegankelijk voor onbevoegden); dit terwijl gemeenten, provincies en overheid aan dergelijke wegen hogere kwalitatieve eisen stellen namelijk minimaal 10 ton (vastgelegd en/of af te leiden uit ‘de Wegenenverkeerswetgeving’, echter deze geldt alleen voor openbare wegen en niet voor wegen welke in eigendom zijn bij een beperkt aantal gemeenschappelijke eigenaren – mandeligheid -).
Afdekken financieel risico, door het afsluiten van een Wettelijke aansprakelijkheidsverzekering en Rechtsbijstandverzekering;
1) In het geval van het voorbeeld mandeligheid betekent het thans dat alle voertuigen zwaarder dan 3,5 ton het terrein niet mogen betreden, indien ze dit toch doen dan is degene onder wiens verzoek deze handeling wordt uitgevoerd ten volle verantwoordelijk voor de geleden danwel nog te lijden schade. Het betreft o.a. een verbod op de volgende voertuigen:
- gemiddelde verhuiswagen (dus zonder ‘extra’ aanhanger) en hoger,
- gemiddeld werkverkeer tbv aanleg tuin, plegen van onderhoud danwel verbouwingen aan de eigen woning, en hoger,
- gemiddelde auto hulpdiensten, bijvoorbeeld brandweer, (formeel niet toegestaan zijn de standaard blusvoertuigen, ladderwagen met hoogwerkmogelijkheden, voertuig tbv sloop gevaarlijke objecten) en hoger,
- personen auto met dubbelassige aanhanger welke met meer dan een gemiddeld 750 Kg (ten volle) is beladen, en hoger,
Zoals u ziet is dit een inperking van het kunnen genieten (definitie volgens BW is nut en genot) van het eigen goed (woning en eigen terrein). Want wat te doen indien jezelf, je partner en/of iemand anders die zich in de woning bevindt iets overkomt en door een hoogwerker van de brandweer uit de woning gehaald moet worden om getransporteerd te worden naar het ziekenhuis voor behandeling. Indien dit voorbeeld bij u overkomt als zijnde een hypothetisch incident welke nauwelijks of niet voorkomt dan kan ik deze gedachte weerleggen door te melden dat mij dit onlangs is overkomen. Als resultaat van een ongelukkige val heb ik een gecompliceerde breuk opgelopen in mijn linker onderbeen en door het toedienen van de noodzakelijke zware pijnstillers stopten/stagneerden enkele lichaamsfuncties zoals hart en ademhaling. Gelukkig (in de situatie dat mijn woning vanaf twee zijden te benaderen is) kon de hoogwerker van de brandweer mij vanaf de hoofdweg uit de woning takelen, anders was ik nu niet meer onder u midden geweest. Indien er woningen echter alleen vanaf de gemeenschappelijke toegangsweg (mandeligheid) te benaderen zijn en indien deelgenoten de vijftig al gepasseerd zijn, bezoekers ontvangen en ook hier logeren welke qua leeftijd de zeventig al gepasseerd zijn, en net als de anderen ook het voornemen hebben deze woning voor langere periode te betrekken, kan de opgelegd beperking ernstig (en zelfs) levensbedreigend risico’s nu (en zonder gewijzigde kwaliteitsnorm voor de genoemde weg) en in de toekomst opleveren.

Samenvattend: Voor bijna alle partijen alleen maar voordelen. Alleen voor de kopende partij, welke het langst ervan last heeft, alleen maar last met een hoog eigen risico lopend. De intentie van mandeligheid is in de basis goed, maar zoals het er nu naar uitziet is het product nog niet tot volle wasdom gekomen. Was het niet beter geweest de contractuele mandeligheid, als een subvorm, juridisch onder te brengen bij appartementsrecht. Hier is veel ervaring mee, kent een correcte bestuursvorm (VVE), is ook herkenbaarder voor potentiële kopers.
Nog steeds worden potentiële kopers nog door de projectontwikkelaar middels zijn brochure, nog door de verkopende makelaar, nog door de notaris adequaat voorgelicht over het fenomeen mandeligheid indien dit betrekking heeft op hun toekomstige woning. Dit ergt mij nog het meest. Zij komen er mee weg, maar de potentiële koper blijft met de ellende zitten, dit ondanks de morele en beroeps- encontractuele verplichtingen van partijen (NVM makelaar, notaris).

Bovenstaande geschetste problematiek aangaande de rechtsvorm ‘Mandeligheid’ is door mij voorgelegd aan de auteur van het boek: Mandeligheid, Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel Recht.

Geachte heer,
Onderstaand - na uw tekst - zal ik proberen te antwoorden op uw vragen. Daarbij staat wat mij betreft voorop dat de problematiek veelal niet gelegen is in mandeligheid. In de kern is wat dat betreft alleen art. 5:63 van belang. Het gaat voor wat betreft rechten plichten over gemeenschappelijk eigendom (titel 3.7 van het Burgerlijk Wetboek).
a) Ik heb in geen enkel (wettelijk) stuk kunnen opmaken aan wie de projectontwikkelaar (i.g.v. nieuwbouw) de mandelige zaken (weg, groen, etc) formeel moet opleveren, zodat het in kwantitatieve als kwalitatieve zin getoetst kan worden en gebreken in een proces verbaal van opleverpunten kan worden opgenomen.
Oplevering van gemeenschappelijke zaken dient plaats te vinden - zo mag worden aangenomen - aan en door de mede-eigenaars gezamenlijk. Dit zou anders kunnen zijn als de mede-eigaars zich in een vereniging hebben verenigd en unaniem (danwel wellicht bij andere meerderheid) hebben besloten dat het bestuur mag meewerken aan de oplevering. Deze gang van zaken komt overeen met de oplevering in een appartementencomplex.
b) In uw boek, maar ook uit andere akten van mandeligheid, heb ik kunnen opmaken dat er artikelen kunnen worden opgenomen welke het bestuur regelt m.b.t. de AVD. Dit is echter geen verplichting en bij nieuwbouw is men dan ook in deze overgeleverd aan de grillen van de projectontwikkelaar;
Ik zie even niet goed wat u verstaat onder de AVD. De kern van mede-eigendom is - dat behoudens andersluidende afspraken en behoudens het bepaalde in art. 3:170 leden 1 en 2) - alle beslissingen unaniem (zie art. 3:170 lid 3) genomen moeten worden. Bij beheersregeling ex art. 3:168 BW zou hiervan kunnen worden afgeweken. Een andere besluitvormingsprocedure kan worden overeengekomen. Hierbij ontstaat er wellicht een probleem ten aanzien van de binding van opvolgende eigenaars.

c) Voor een mandelig terrein (specifiek zijnde een ontsluitingsweg) worden door de wet geen eisen gesteld m.b.t. gebruik. Voor de wet is het mandelige terrein een enclave binnen een openbaar terrein waar bijv. de normale verkeerswetgeving niet geldig is. Hierdoor kan het zijn (zoals in ons geval) dat door de projectontwikkelaar een ontsluitingsweg is aangelegd welke maximaal 3.500 kg (= 3,5 ton) kan dragen. Hierdoor is niet alleen het nut van de weg beperkt maar ook beperkt dit ook in ernstige mate het gebruik van de woning. Namelijk omdat een max. van 3,5 ton al gauw overschreden wordt door bijvoorbeeld een standaard verhuiswagen, een vuilniswagen, werkverkeer of vrachtauto tbv levering groen, aarde, bestratingsmiddelen, maar zelfs bij calamiteiten is in principe de wat zwaardere brandweerauto zijnde blusvoertuig, hoogwerker voor bijv. transport bedlegerige patient, sloopkraan uit den boze omdat ze anders, gezien de geringe draagkracht sterkte, de gemeenschappelijke weg ernstige schade kunnen toebrengen. Aangezien bij calamiteiten brandweer, politie en ambulance zich, in hun handelen, niet behoeven te beperken, kan dit handelen in relatie met de beperking van de weg ernstige schade aan genoemde weg worden toegebracht. Deze schade kan dan niet verhaald worden en herstel ervan is voor rekening van alle deelgenoten. Tevens is nergens vastgelegd dat, o.a. voor kenbaar maken beperkt nut mandeligheid, een mandeligheid aan derden expliciet aangegeven moet worden gemaakt, door bijvoorbeeld signalering welke zichtbaar moet worden geplaatst wanneer derden vanaf het openbaar terrein het prive terrein (zijnde de mandeligheid) betreden. Dit omdat zij vanuit de positie van onwetendheid en vanuit hun normaal handelen, zoals wel is toegestaan op openbaar terrein, ernstige schade aan de ontsluitingsweg kunnen toebrengen. Ook deze schde is niet op derden te verhalen, want waar had zij/hij kunnen vernemen dat dit handelen uitgevoerd werd op een priveterrein (zijnde de mandeligheid). In het bijzonder geldt in ons geval nog dat de ontsluitingsweg (mandeligheid) een verlenging is van een openbare weg met identiek bestarting zowel qua kleur, vorm als grootte.
a. wegbelasting: de problematiek die u hier duidt heeft niet zoveel van doen met mandeligheid. Wel lijkt mij de vraag of de projectontwikkelaar gelet op de beperkte belastingsmogelijkheid van de naar ik begrijp ontluitingsweg wel op een juiste wijze met u en de andere deelgenoten contracteert. Niet alleen is - zo lijkt mij - van belang of en in welke mate deze belastingproblematiek (en met name de daaruit voortvloeiende beperkingen) met u is besproken maar ook is van belang of met name brandweervoorschriften niet aan de aanleg van een dergelijke weg in de weg staan.
b. Het is inderdaad juist dat eventuele schade aan de weg voor rekening en risico van de deelgenoten is. En om nog maar een schadeprobleem aan de orde te stellen. Als door slecht onderhoud (of niet tijdig herstel van de weg) van de deelgenoten op de weg een ongeluk gebeurt zijn de deelgenoten mogelijk aansprakelijk ex art. 6:174 BW (aansprakelijkheid voor eigendommen).
c. kenbaarheid: U stelt terecht dat het wenselijk is om kenbaar te maken - middels bordjes - dat er sprake is van prive terrein.
Het zou overigens zo kunnen worden geregeld dat de weg door bestemming een openbaar karakter krijgt. Als dat zo is zal de gemeente aansprakelijk zijn voor ongelukken op de weg (bij slecht onderhoud) en moet de gemeente de weg onderhouden. Deze problematiek is geregeld in de Wegenwet. Als u dat wenst kan ik daar wel bij separate mail nader op ingaan.

d) Typisch is dat de (expliciete) beschrijving van de mandeligheid, ook wel ‘Akte van Mandeligheid’ genoemd, ondergebracht kan worden, als een soort passage, binnen de ‘Leveringsakte’ van een onroerend goed. Hierdoor vervalt de expliciteit en is aanvulling en wijziging bijna niet meer mogelijk.
Dit is een kwestie van notariele techniek. Voor de rechten en verplichtingen onderling maakt het niet uit waar en hoe de mandeligheid is geregeld. Als er maar een akte is die is ingeschreven in de openbare registers.
e) Aangezien de mandeligheid (als mede-eigendom, maar ook als mede-gebruik) ook verantwoordelijkheden jegens derden inhoud. Vereist dit, om ook in deze een financiële strop, te voorkomen het afsluiten van tenminste een WA-verzekering en een rechtsbijstandverzekering. Ook dit wordt niet expliciet vermeld in de wetsartikelen.
Ja, deze verzekeringen zijn zeer wenselijk.
Ik verwees hiervoor al naar art. 6:174 waaruit deze aansprakelijkheid blijkt. In verband met mandeligheid wordt daar inderdaad niets naders over geregeld. Dat is voor mij ook logisch vanwege de "beperkte" strekking van mandeligheid

f) Voor nieuwbouw projecten is, in mijn ogen, niets geregeld voor woningen cq onroerend goed welke nog niet verkocht cq overgedragen zijn. M.a.w.: "Wie of wat is deelgenoot van de nog niet verkochte woningen cq onroerendgoed". Hoe in deze dan te handelen.
De niet verkochte woningen en de daaraan gekoppelde aandelen in de mandeligheid behoren dan toe aan de aannemer/projectontwikkelaar. Deze is derhalve gewoon deelgenoot. Overigens zie ik nogal eens dat op dit punt nadere afspraken met betrekking tot de kosten worden gemaakt. Dat zou dan in de akte(n) moeten staan.

Mogelijk zijn voor bovengenoemde punten andere wetsartikelen van kracht, maar aangezien ik een leek ben in deze, moet hiervan, ook al is het alleen maar vanuit moreel oogpunt, toch melding worden gemaakt aan de kopende partij door bijv. een projectontwikkelaar (brochure), een verkopende makelaar, maar tenminste toch door een registrerend notaris van het ontroerend goed?
Ik ben met u eens dat er ten aanzien van een dergelijke mandeligheid (waarbij ik zelf nogal aanhik tegen het risico/aansprakelijkheidsaspect) een forse inspanningsplicht aan de zijde van de projectontwikkelaar/makelaar/notaris ligt om de kopers goed te informeren.
In het geheel genomen vind ik de artikelen m.b.t. de mandeligheid nog niet af, tenminste niet volledig en alle mogelijke zaken (casus) dekkend. Het komt mij maak andere over als een juridische val met sterke punten.
Het gaat zoals ik u zei in de kern alleen maar over art. 5:63. Zelf heb ik wel eens gepleit voor afschaffing van de gehele regeling. Evengemeld artikel zou opgenomen kunnen/moeten worden in titel 3.7 BW.

einde bericht

Dit alles is ook voorgelegd aan de vaste 2e kamer commissie van Justitie. Of die de wetgeving wil aanpassen moet maar worden afgewacht;
Vereniging Eigen Huis stelt zich op het standpunt dat de koper zich beter moet voorbereiden en een juridische check door VEH op het koopcontract (a 150 euro) had moeten laten uitvoeren;
NVM stelt zich op het standpunt dat de makelaar een meldingsplicht heeft, dit kan ook zijn de opmerking (het betreft hier gemeenschappelijke grond);
De notaris wast zijn handen in onschuld en zegt alleen maar de bevelen van de projectontikkelaar genoteerd te hebben.

M.a.w. Mandeligheid een blok aan het been van de koper.
Reactie van Danny op 27 Mei 2010 op 14.56

Intro

Een korte introductie eer ik mijn strijdplan wil aankondigen:
Dit met mandeligheid uitgegeven gebied betreft 24 boskavels met prachtige huizen in de noorderplassen-west
mei 2008 opgeleverd en toen is ook de VVE actief geworden. Mandeligheid in ultima forma, totale grond met alle toebehoren overgedragen aan VVE met alle lusten en lasten.

Lusten waar?
Helaas de lusten zijn ver te zoeken!! Eenmaal overgedragen aan de VVE en de projectontwikkelaar heeft zijn project afgerond.
Daar staan de bewoners dan, wat nu? Totaal onervaren niet beseffend op welk zinkend schip ze gestapt zijn.
Ik kan hierover een heel betoog houden maar waar ik nu naar op zoek ben zijn welke juridische stappen zijn mogelijk om het falen van de projectontwikkelaar (of misschien wel de gemeente?, de makelaar? )jegens de bewoners te pareren?

Boos, teleursgesteld?
Waar ik mij nog steeds boos om maak is het feit dat je gewoon voorgelogen wordt op het moment dat je de woning aankoopt. Meneer u hoeft slechts een klein bedrag te betalen voor al het onderhoud dat in de toekomst gaat plaats vinden in het project? aldus de makelaar. Maar meneer de makelaar waar is dit bedrag dan op gestoeld, als wedervraag? Jarenlange ervaring meneer maakt u zich maar geen zorgen. Nu ben ik nogal kritisch van aard en probeer het vervelende onderbuikgevoel nogmaals weg te halen door de vragen te herhalen bij de notaris. Nee meneer daarvoor moet u niet bij ons zijn!! Ja maar ik zet grote kanttekeningen bij de begroting. Nou dan kunt u ook niet tekenen meneer als u nog twijfels heeft, heeft u dat niet allemaal uitgezocht! aldus de notaris. En daar zit je dan met de pen in de hand met nog steeds dat vervelende onderbuikgevoel. Wat gaat er allemaal op mij afkomen als ik nu de handtekening zet? Je zou toch eigenlijk alleen maar een opgetogen gevoel moeten hebben, we staan immers op het punt een prachthuis te kopen. zucht zucht nou voorruit dan maar tekenen!!

De eerste last
Een paar maanden later is mijn onderbuikgevoel toch helaas juist geweest. Bij de eerste de beste offertes voor het groenonderhoud is gebleken dat we het maandbedrag met bijna 100% hebben moeten verhogen. Ruikt dit niet naar oplichting? Maar ja ik heb getekent en had ik maar beter mijn huiswerk moeten doen. Maar welk huiswerk heb ik meegekregen van de makelaar, projectontwikkelaar, of de door de projectontwikkelaar aangestelde beheersmaatschappij? Is deze maatschappij dan niet degene die een juiste begroting had moeten vaststellen. Is het niet de gemeente die met zijn kwalitatieve en kwantitatieve toetsing op de rem had moeten trappen? Is het niet de projectontwikkelaar die verzaakt heeft om de bewoers volledig in te lichten welke koers dit schip vaart?

We gaan de strijd aan!!
Ik ben volhardend en zal een strijd gaan voeren met alle partijen want het kan toch niet zo zijn dat onze burgemeester Annemarie Jorritsma van de parel van Almere, de noorderplassen-west, (geciteerd uit de regionale dagbladen) dit bedoeld heeft. sociale onzekerheid en verloedering van de wijk.

kortom ik gamijn steentje bijdrage om de bestaande VVE''s een passend kader te bieden waarbinnen zij kunnen opereren en alle ellende die nu al is ontstaan op een passende wijze op te lossen.

Danny Vos
VVE Rydbo
Noorderplassen-west .
Beste Patricia,
als jij graag informatie wilt van mensen over een onderwerp als dit, moet je in elk geval zorgen dat je mensen stimuleert om antwoord te geven. Enorme lappen tekst plaatsen op een forum is daarom nou niet bepaald een goede methode. Probeer het dus een beetje samen te vatten voordat je het plaatst ;)
mee eens! Zal er volgende keer op letten :-)

RSS

© 2012   Gemaakt door Esther.

Banners  |  Een probleem rapporteren?  |  Algemene voorwaarden